Ga verder naar de inhoud

In Memoriam Albert Derolez (1934-2026)

1 september 2026

De projectpartners van Mmmonk (Universiteitsbibliotheek Gent – Boekentoren, Openbare Bibliotheek Brugge, Grootseminarie Ten Duinen Brugge en Bisdom Gent) melden met grote droefheid het overlijden van Albert Derolez, internationaal gerenommeerd mediëvist en expert in de studie van middeleeuwse handschriften. Zijn bijzondere kennis en liefde voor het Liber Floridus en andere handschriften uit het Mmmonk-corpus hebben het onderzoek naar dit waardevolle erfgoed diepgaand en blijvend verrijkt.

Lofrede door Hendrik Defoort, Collectiebeheerder Universiteitsbibliotheek Gent - Boekentoren

"Albert Derolez volgde de Grieks-Latijnse Humaniora aan het Koninklijk Atheneum te Gent en studeerde daarna Geschiedenis aan de Gentse Rijksuniversiteit (1952-1956). Zijn liefde voor het Latijn deed hem voor de richting Oudheid kiezen en een licentieverhandeling schrijven over een onderwerp uit de Gallo-Romeinse archeologie (Prof. Sigfried De Laet). Het gewicht van de Mediëvistiek in de historische opleiding van die tijd was zo groot, dat elke student a.h.w. ook tot mediëvist werd opgeleid, o.m. in de paleografie der Middeleeuwen. Een éénjarig assistentschap bij de cursus Paleografie (Prof. Egied I. Strubbe, 1957-1958) liet hem toe zich verder te bekwamen in dit vak. Na een jaar als leraar in het Middelbaar Onderwijs werd hij in 1959 aspirant bij het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek met als opdracht: het verzamelen en uitgeven van de Middeleeuwse boekenlijsten van België; daaruit zou het Corpus Catalogorum Belgii groeien, door de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten uitgegeven (een eerste deel verschenen 1966, hernomen en voortgezet 1994-2016, 7 delen verschenen met hem als hoofduitgever). Dit vereiste talrijke bezoeken aan Belgische bibliotheken en archiefdepots (in 1959 had hij in het Algemeen Rijksarchief het examen van Archivaris-Paleograaf afgelegd, daarbij als eerste geklasseerd onder de kandidaten van de Nederlandse taalrol).

Als gediplomeerd Archivaris-Paleograaf (1959) en Bibliothecaris-Bibliograaf (1962) werd hij in 1962 benoemd tot bibliothecaris, later conservator, aan de Universiteitsbibliotheek Gent, afdeling Handschriften en Kostbare Werken. Dit opende nieuwe perspectieven, steeds in de richting van de studie der handschriften. Door zijn medewerking met prof. Luc Indestege aan de catalogus Boekbanden uit Vijf Eeuwen (1961) kon hij een unieke kennis verwerven van de oude boekband. Maar de dagelijkse omgang met de Gentse handschriftenverzameling, waarvan hij in 1977 de Inventaris publiceerde, gaf hem vooral de gelegenheid zich te verdiepen in de problematiek van de middeleeuwse codex.

Ter gelegenheid van het 150-jarig bestaan van de Gentse Universiteit organiseerde hij in september 1967 in de Universiteitsbibliotheek een internationaal Liber Floridus-Colloquium en kreeg hij de opdracht een facsimile- en diplomatische uitgave van het Liber Floridus te maken (BHSL.HS.0092, 1968). Het Liber FLoridus zou hem nooit meer loslaten. Het codicologisch onderzoek van het ingewikkelde autografe handschrift van het Liber Floridus mondde uit in een proefschrift, waarmee hij in 1970 met de Grootste Onderscheiding aan de Universiteit Gent tot doctor in de Geschiedenis promoveerde (promotor: prof. Raoul Van Caenegem). Het werk werd bekroond en uitgegeven door de Academie (1978). Boeken over hetzelfde onderwerp verschenen in het Engels in 1998 en in 2015 (geïllustreerd). Dit codicologisch onderzoek van een individueel handschrift, waarbij uit de studie van een materieel object de ontstaansgeschiedenis van een tekst wordt afgeleid, herhaalde hij met betrekking tot het Gentse handschrift van Hildegard van Bingen’s Liber divinorum operum (BHSL.HS.0241,1972). Dit zou zelf de aanleiding worden tot de editie van dit werk in Corpus Christianorum (1996, in samenwerking met Peter Dronke); deze uitgave was voorbereid in een editie, in dezelfde reeks, van de briefwisseling van Guibertus van Gembloux, secretaris van Hildegard (1988-1989).

Intussen was de idee gerijpt om een proeve te doen van codicologisch onderzoek van groepen handschriften. Een studiebeurs voor een reis naar Italiaanse bibliotheken, in 1972 aangeboden, werd het beginpunt van een twaalfjarig onderzoek, in Italiaanse en Europese bibliotheken, naar de codicologische kenmerken van 1200 gedateerde handschriften in humanistisch schrift. Het boek daarover (1984) diende tevens als proefschrift voor het behalen van de titel van Geaggregeerde van het Hoger Onderwijs in de Handschriftenkunde. In dezelfde zin heeft hij in 1979 een boek gewijd aan de ca. 60 bewaarde handschriften uit de bibliotheek van de Gentse abt Raphael de Mercatellis, waarvan de Universiteitsbibliotheek Gent de grootste verzameling bezit.

De lang verhoopte aanstelling tot deeltijds docent aan de Vrije Universiteit Brussel kwam er in 1972. Tot 1999 doceerde hij er Codicologie en Miniatuurkunst, Christelijke Liturgie en Christelijke Iconografie. Van 1982 tot 1999 doceerde hij ook aan de Université Libre de Bruxelles Latijnse Paleografie en Geschiedenis van Boek en Bibliotheek (over deze laatste materie had hij voordien jarenlang les gegeven aan de Antwerpse Bibliotheekschool).

Via kunsthistoricus en eminente kenner van de Noordnederlandse en Vlaamse miniatuurkunst prof. James Marrow, bouwde hij vanaf medio de jaren 1980 ook een carrière uit in de Verenigde Staten. Als Distinguished Visiting Professor of Medieval Studies doceerde hij in 1985 aan de universiteit van Californië te Berkeley. Vanaf 1987 tot 2014 gaf hij elke zomer les aan Rare Book School, eerst in New York, Columbia University, achteraf aan de universiteit van Virginia te Charlottesville. Hij was reeds consultant bij de Beinecke Library te New Haven (Yale University), toen hij in 2007 uitgenodigd werd om de catalogus van deze rijke handschriftenverzameling on-line voort te zetten (opdracht beëindigd 2016).

Ondanks zijn grote expertise en jarenlange inzet werd hij door de Universiteit Gent in 1994 voortijdig op rust gesteld. Dit kaderde officieel in een besparingsoperatie. De diepe teleurstelling hieromtrent werd gelukkig gemilderd door zijn benoeming tot lid van de Academie (1993) en door een verblijf te Princeton als Fellow van het Institute for Advanced Study (1995). Van dit laatste heeft hij gebruik gemaakt om de voortzetting van het Corpus Catalogorum Belgii krachtdadig ter hand te nemen en de basis te leggen voor een boek over het Gotisch schrift van de Late Middeleeuwen. Zijn toenemende ergernis over de behandeling van die periode in de schriftgeschiedenis en van de paleografie in het algemeen door andere paleografen heeft geresulteerd in het handboek The Palaeography of Gothic Manuscript Books (Cambridge University Press, 2003). In de studie der handschriften streefde Albert Derolez ernaar de impressionistische approach van connoisseurs – hoe ervaren ook, en in de geschiedenis der miniatuurkunst onmisbaar – zoveel mogelijk te vervangen door de observatie van concrete, door iedereen controleerbare feiten. Vandaar het grote belang dat hij hecht aan de gedateerde handschriften, zowel voor codicologische als voor paleografische studies.

Prof. Albert Derolez in de handschriftenzaal van de Gentse Boekentoren
Prof. Albert Derolez in de handschriftenzaal van de Gentse Boekentoren - Door Michiel Hendryckx - Eigen werk, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=165006351

Sinds 1975 was hij lid van het Bureau van het tijdschrift Scriptorium en sinds 1989 van het selecte Comité International de Paléographie Latine, waarvan hij van 1995 tot 2005 voorzitter was. Nadat in oktober 2015 zijn Opus Magnum The Meaning en the Making of the Liber Floridus bij Harvey Miller verscheen in de reeks Studies in Medieval and Early Renaissance Art History, keerde Albert Derolez terug naar een andere oude liefde. Als conservator van de handschriften en kostbare werken in de Boekentoren publiceerde hij in 1971 een beknopte catalogus van de Middeleeuwse handschriften in de collectie. Gewapend met decennia extra expertise nam hij tussen 2015 en 2017 andermaal de integrale collectie middeleeuwse stukken ter hand voor het maken van een catalogus: Medieval Manuscripts – Ghent University Library. Het boek verscheen in 2017 rijkelijk geïllustreerd bij Snoeck en alle rijke metadata die Albert maakte werden opgenomen in de online catalogus vande Universiteitsbibiotheek Gent.

Sluitstuk van Albert zijn parcours als onderzoeker werd een publieksboek rond zijn lievelingshandschrift: ‘Liber FLoridus. De oudste geïllustreerde encyclopedie (1121)’. Het bij Borgerhoff&Lamberigts prachtig geïllustreerde boek vormde de ultieme bekroning op zijn levenslange wetenschappelijke passie voor dit topstuk. De complexe inhoud van Lambertus’ autograaf uit de 12de eeuw werd voor het eerst voor een breed publiek in het Nederlands ontsloten. Albert leidde de lezer folio per folio door de middeleeuwse kenniswereld van kanunnik Lambert van Sint-Omaars. Hij zorgde niet alleen voor vertaling, maar vooral voor heldere tekst en uitleg bij de complexe miniaturen, astronomische tabellen, kaarten en beschrijvingen van planten en fabeldieren. Het boek werd op maandag 31 maart 2025 voorgesteld in ‘zijn’ Boekentoren. Een duidelijk en terecht trotse Albert werd er omgeven door zijn vrouw en kinderen. De kranige 90’er kreeg het nadien fysiek lastig. Begin 2026 werd Albert opgenomen in het ziekenhuis waarna hij door de nood aan zorg verhuisde naar woonzorgcentrum Moervaartheem in Lochristi. Ons laatste contact dateert van 16 juni waarin hij op een hem heel typerende manier bedankte voor het op zijn vraag bezorgen van een artikel van Thomas Kren en de editie van het doctoraat van Hanna Vorholt over … uiteraard het Liber Floridus. Mentaal ongetwijfeld omringd door Labertus van Sint-Omaars overleed Albert Derolez in Lochristi op zaterdag 11 juli. Hij werd in familiekring begraven.

Het hele Boekentoren team is hem bijzonder erkentelijk voor zijn tomeloze inzet om de collectie beter te ontsluiten en wenst de familie veel sterkte bij het overlijden van hun (groot-)vader."

Liber Floridus (Gent, Boekentoren, BHSL.HS.0092)
Liber Floridus (Gent, Boekentoren, BHSL.HS.0092)